803 Rietveld Revised

Over het Schröderhuis in Utrecht, van de architect Gerrit Rietveld, dat staat op de Lijst van het Werelderfgoed van UNESCO, is veel gezegd en geschreven. Corbu vroeg zich af: “Bestaan er tekeningen van de gevels?” Nu heeft Corbu diverse boeken over Rietvelds werk in de boekenkast staan. En elke keer weer tijdens het zoeken stuitte Corbu op dezelfde tekening.

Het is de bouwaanvraag van juli 1924. Zoals dit wel vaker gebeurt in de bouw, komt deze tekening niet overeen met de werkelijkheid. Corbu ging aan de slag met deze tekening en foto’s om de gevels te reconstrueren, simpelweg uit nieuwsgierigheid naar de compositie, proporties en maten. Wat blijkt: de belangrijkste elementen staan niet op tekening. Het lijkt alsof Rietveld het ontwerp nog niet op papier had uitgedacht: alsof de werkelijk belangrijke elementen van De Stijl pas tijdens de bouw zijn toegevoegd en doorontwikkeld.

Meest frapant is een foto van Bertus Mulder, voor de restauratie van Schröderhuis in 1974. De kleuren zijn vaal, door de vitrages achter het glas wordt de kleur wit dominant in het beeld. Het ontwerp verliest daardoor zijn ruimtelijkheid, de gevel wordt vlak en onderscheidt zich moeizaam van een doorsnee villa in de polder: dit is een huis om in wonen en geen kunstwerk, lijkt de belangrijkste boodschap van deze foto.

Van de achterzijde bestaan weinig foto’s, alsof alleen de voor- en zijgevel mooi worden gevonden en niemand zich interesseert voor de achterkant. Terwijl het een ontwerp is dat de hoek om gaat, door de ruimtelijkheid wordt dit benadrukt, elke gevel is verbonden met de gevel ernaast.

Omdat het een hoekhuis is, zijn maar drie gevels. Het huis leunt als het ware tegen de buren: het is een boekensteun, het einde van een lange rij woningen. Het einde van een rij lijkt door de moderne vormgeving vooral op de markering van een nieuw begin.

Zo droomde Corbu van een deur in het huis van de buren. Het zou een geheime deur kunnen zijn, zodat de buren ‘s nachts stiekem het Schröderhuis binnen kunnen, terwijl overdag de architectuurtoeristen onder strikte begeleiding door het huis bewegen. Dit zijn de nachtwakers van het Schröderhuis. Elke dag is het een raadsel voor de schoonmakers waarom meubels zijn verplaatst. Zo ontstaat het gerucht dat er spoken in het Schröderhuis rondlopen. Ondanks dat het een monument is, lijkt het daarom alsof het huis bewoond is, zoals het hoort: een kunstwerk om in te wonen.

Op de tekening van de bouwaanvraag gaat het mis met de achtergevel. Rietveld vergat het balkon boven de entree aan de linkerzijde te tekenen. ‘Het hoekje om tekenen’ is de lastigheid, het ontwerp is dermate ruimtelijk dat snel over het hoofd wordt gezien hoe de wanden, hekwerken en overstekken op elkaar aansluiten. Alsof de architect eigenlijk niet zo goed wist hoe complex zijn eigen werk in elkaar zat.

Corbu speelde met de gedachte: hoe zou een hedendaagse versie eruit kunnen zien? Door een paar eenvoudige ingrepen zou een comfortabele villa kunnen worden gerealiseerd met de styling van toen. Retro-design jaren 30 zogezegd, met als ironie dat deze styling toen modern heette.